Week 4

De Vuurtoren

Neem een gemakkelijke houding aan, neem een aantal keren rustig adem… in… en uit.

Stel je voor dat je leven zich afspeelt op zee. Je zit in een zeilbootje en overal om je heen strekt het water zich uit, zover als je kunt kijken. Het enige wat je in je hand hebt, is een roer.

Je leeft je leven op zee en ervaart dat de zee kalm en vlak als een spiegel kan zijn. Je boot glijdt rustig door het water en je leven verloopt gemakkelijk, geen wolkje aan de lucht, geen zuchtje zorgen en dit geeft je een blij en opgelucht gevoel.

De andere dag komt er een wind opzetten, waardoor je boot sneller door het water gaat. Je leven komt in een stroomversnelling en het geeft je eigenlijk wel een lekker gevoel. De wind gaat door je haren, tegelijkertijd is het opletten en je hebt je concentratie op het varen.

De wind zet echter nog meer aan en creëert ook golven. Op deze golven zit je eigenlijk niet te wachten, dit is niet wat je hebt gewenst in je zeiltocht. De zee lijkt je ook te overvallen, vanaf links en rechts wordt de boot op en neer gezwengeld. De golven roepen negatieve emoties op zoals angst, boosheid en zelfs verdriet. En net wanneer je denkt het ergste gehad te hebben, doet zich weer een nieuwe golf voor…

Niets lijkt te helpen om de golf weg te krijgen, of de baas te zijn. Zo goed als je kunt pak je het roer in handen en manoeuvreert je door de golven heen. Komt er een grote aan de linkerkant opzetten, dan zorg je ervoor dat je met het bootje naar links vaart, komt er een grote golf van achteren, gooi je het roer om. Je hijst het zeil om zo snel als je kunt voor de golven uit te varen. Alles van je handelen is erop gericht om zo snel mogelijk van de golven af te komen.

Niets lijkt echter te helpen om de golven uit je leven te krijgen. Linksom, rechtsom, achteruit of vooruit, je komt niet van de golven af. Inmiddels ben je zoveel tijd met de golven bezig dat je je begint af te vragen waar je toch naar toe vaart?

En terwijl je tollend op de zee rondwaart, bereik je mogelijk een punt waarop je tegen jezelf zegt: waar ben ik eigenlijk mee bezig? Waar vaar ik naar toe, wat is mijn doel? In plaats van je sterke gerichtheid op de aan- of afwezigheid van de golven, besluit je om het over een andere boeg te gooien..

Wanneer je je opricht vanuit de boot en je blik langs de horizon laat gaan, zie je in de verte een glinstering voorbij komen. Wanneer je nog eens goed kijkt, tref je tot je grote verbazing een vuurtoren aan. Het is alsof je door een pijl getroffen wordt in je hart, terwijl je beseft, dit is de plek waar ik het allerliefste naartoe wil gaan.

De vraag die jezelf kunt stellen en die tegelijkertijd één van de belangrijkste vragen is die je jezelf kunt stellen is: Wat is werkelijk belangrijk voor mij? Wie is werkelijk belangrijk voor mij? Wat is, of wat zijn de vuurtorens in mijn leven? Kun je deze vuurtoren(s) de koers in je leven laten zijn?

Waarden zijn als vuurtorens voor schepen op zee. Ze geven een gewenste richting aan. Zonder deze richting dobberen schepen maar wat rond op zee. Dan komen ze natuurlijk na verloop van tijd ook wel ergens uit door de stroming en de wind, maar waarschijnlijk niet daar waar ze werkelijk naar toe wilden. Vandaar dat er vuurtorens zijn die verschillende richtingen aangeven waaruit de kapitein kan kiezen. Het gaat hierbij niet om de vuurtoren als doel te kiezen: de toren staat op het land en het schip kan dat immers nooit bereiken. Dat hoeft ook niet. De vuurtoren is uitsluitend daar om te komen tot een gekozen richting. En op weg in die richting kunnen tussentijds verschillende doelen bereikt worden waarna opnieuw voor dezelfde richting gekozen kan worden. En zelfs wanneer een schip door zware storm alle kanten uitgeblazen wordt kan de kapitein ondertussen nog steeds proberen de gewenste richting te handhaven om ook onder dergelijke omstandigheden koers te houden.

Om welke vuurtorens moet het gaan in jouw leven?

lighthouse-2

Thuiswerk week 4: